Fase 5: Train voor top (senioren)

Leerlijn mentaal en prestatiegedrag

De sporter beschikt over aandachtscontrole, zelfvertrouwen, toewijding, emotionele stabiliteit, vechtlust en leiderschap. Hij brengt de discipline en motivatie op om als een professional te leven en bijbehorende keuzes te maken.

  • De sporter weet wie hij is en wat hij nodig heeft, zowel in coaching als in belasting
  • De sporter gaat goed om met de transitie van OC naar HPC en past snel in het team.
  • De sporter respecteert en accepteert nieuwe teamgenoten en zoekt met hen de samenwerking.
  • De sporter kan eerlijk communiceren en aangeven wat hij nodig heeft van betrokken professional.
  • De sporter reflecteert pro-actief op zijn eigen gedrag, gedachten en gevoel.
  • De sporter analyseert stressfactoren en anticipeert daarop door middel van het inzetten van ontspanningstechnieken.
  • Oefen regelmatig mindfulness (leven in het hier en nu).
  • De sporter is vastberaden om door te gaan in moeilijke situaties om zijn plan uit te voeren.
  • De sporter zorgt voor een optimale balans in al zijn activiteiten.
  • De sporter volgt nieuwe ontwikkeling die hem nog beter kunnen maken in de sport
  • De sporter heeft hoge mate van zelfreflectie.
  • De sporter zorgt ervoor dat hij zich ook buiten het zwemmen kan ontwikkelen en sociale relaties onderhoudt.
  • De sporter is onafhankelijk en kan zelf knopen doorhakken.
  • De sporter maakt keuzes in dienst van zijn gestelde doelen.
  • De sporter laat de wil zien om zichzelf voortdurend te verbeteren.
  • Trainingsvormen met mentale aspecten. De coach moet de sporter hier bewust van maken en helpen experimenteren en finetunen.

Voor de wedstrijd

  • De ideale performance state wordt ontwikkeld en verfijnd.
  • Geen excuses en winnaarsmentaliteit
  • Oefen het accepteren en/of reguleren van gedachtes, emoties en mentale reacties voor de wedstrijd.
  • Blijf je plannen (voorbereiding, doelen stellen – wedstrijdplan, focussen, refocussen en verbeelding evalueren en eventueel bijstellen.
  • Verfijning en implementatie van race strategieën

Tijdens de wedstrijd

  • De sporter kan wedstrijdplannen onder wisselende omstandigheden uitvoeren.
  • De sporter kan zich goed concentreren, focussen en herpakken bij afleidingen.
  • De sporter kan zijn spanning reguleren en focussen op de elementen die belangrijk zijn en waar hij invloed op heeft.
  • De sporter zet de knop snel om na een teleurstellende afstand en focust zich weer op een volgende prestatie.
  • De sporter heeft positief selftalk voor vertrouwen en motivatie.
  • De sporter racet met de wil en heeft het gedrag om te winnen.

Na de wedstrijd

  • De sporter kan de prestaties en al dan niet gehaalde doelen effectief evalueren, bijstellen en maakt doelen voor de finale of komende trainingen.
  • De sporter kan de positieve punten en verbeterpunten uit een prestatie halen.
  • De sporter realiseert zich hoe belangrijk het team is (positief, commitment, verantwoordelijkheid, vertrouwen, eerlijk durven zijn, samenwerken)

Wie let waarop:

Sporter: Pak alle kansen om tijdens wedstrijden en trainingen te leren. Geloof in jezelf, maak haalbare doelen waar je in gelooft. Oefen mindfulness: accepteer de variatie in gedachtes, gevoelens en emoties die ontstaan en train jezelf om goede focus te houden onder alle wedstrijd omstandigheden.

Coaches: Blijf de focus houden op het positieve en volg de atleet in zijn voorbereiding op de wedstrijd. Is hij er klaar voor? Waar ligt zijn focus? Welke wedstrijden zijn voor hem goed om zich te ontwikkelen? Communiceer open en geregeld om mentale en emotionele zaken goed en eerlijk te bespreken. Betrek de sporter bij de planning en de achterliggende doelstellingen van de training. Dit vergroot het vertrouwen, gevoel van autonomie en motivatie.

Ouders: wees je bewust van de manier waarop je aanmoedigt en de mogelijke impact daarvan.