Mentale kwaliteiten

Ook het trainen van mentale vaardigheden is van essentieel belang en kan uiteindelijk de doorslag geven als de sporter bij stress of onder grote druk het beste uit zichzelf moet halen. Mentale kwaliteiten kunnen duiden op wat er bij de sporters tussen de oren speelt. Hoe zorgen we ervoor dat we op een bepaalde manier gaan denken en voelen zodat we het juiste gedrag laten zien. Het gaat dus om de mens achter de zwemmer.

Mentale fitheid is de mogelijkheid van een sporter om gedachtes, gevoelens en gedrag optimaal te reguleren en te handelen op een doelgerichte en consistente wijze en tegelijkertijd omgaan met de vele eisen die aan hem of haar gesteld worden. Hierbij passen de mentale kwaliteiten zoals Motivatie, zelfvertrouwen, omgaan met spanning, concentratie, omgaan met tegenslag, verantwoordelijkheid nemen, coachbaar, zelfregulatie,

Hoe ontwikkel je mentale vaardigheden?
Net als fysieke training vereist mentale training veel bewuste oefening. Sporters ontwikkelen mentale fitheid door fouten te durven maken, te leren van tegenslagen en successen en doelen te stellen die net buiten hun huidige mogelijkheden liggen. Een talent ziet het als uitdaging om het beste uit zichzelf en zijn sport te halen en heeft het vermogen om succes op lange termijn te zien. Ouders en coaches spelen hierin ook een belangrijke rol. Door hun feedback kunnen ze kinderen leren om tegenslagen te interpreteren als positieve groeimogelijkheid. Mentale tools om je prestaties te verbeteren en plezier te houden moet je leren, oefenen en toepassen in je training, voorbereiding en wedstrijden.

Mentale tools zijn:

  • doelen stellen
  • gezonde spanning
  • visualisatie
  • aandachtstraining
  • zelfspraak

Prestatiegedrag

Onder prestatiegedrag verstaan we het gedrag (kennis, vaardigheden, attitude en ervaring) dat vereist is om tot optimale ontwikkeling en maximale prestaties te kunnen komen én deze te kunnen aanhouden. In deze definitie gaan we dus niet alleen uit van welk gedrag nodig is om te kunnen presteren bij de senioren, maar ook welk gedrag bijdraagt een optimale ontwikkeling gedurende de reis naar het podium. Het is een combinatie van vereisten in de sporten en vereisten buiten de sport met zowel een cognitieve component als een emotioneel component.

Hieronder staan 14 competenties van prestatiegedrag. Vanuit NOC*NSF wordt dit gezien als richtlijn voor het gewenste gedrag voor de sporter op topniveau. Bewustwording, zelfreflectie en sturen op het eigen handelen staan hierin centraal. Coaches maken een plan welke competenties sporters moeten beschikken om het vereiste prestatiegedrag (vanaf acht jaar voor het podium) te vertonen en hoe ze dit effectief kunnen ontwikkelen.

Competentie Definitie
Aandacht richten De sporter is in staat om zijn aandacht te blijven schenken aan een situatie of taak ondanks afleiding, negatieve gedachten, vermoeidheid of verveling. 
Doorzettingsvermogen De sporter laat zich bij moeilijkheden en tegenslagen niet uit het veld slaan, maar gaat door totdat hij zijn doel bereikt heeft. Hij is vastberaden en wil hard werken en pakt uitdagingen aan. 
Probleemoplossend vermogen De sporter herkent en identificeert problemen en komt tot de best passende oplossing voor het probleem. De sporter houdt rekening met de beschikbare informatie, alternatieve oplossingen en de consequenties ervan. 
Aanpassingsvermogen De sporter past zijn gedrag aan veranderende omstandigheden, taken, verantwoordelijkheden en/of personen aan en blijft doelgericht handelen. 
Grenzen stellen en bewaken De sporter weet hoe hij zich voelt en komt op voor zichzelf en zijn mening. Hij weet wanneer mensen te veel van hem vragen of hij iets niet oké vindt. Hij zorgt ervoor dat anderen niet over zijn grenzen gaan, ook wanneer hij het gevoel heeft dat anderen iets heel graag van hem willen. 
Procesgericht werken De sporter beschrijft hoe hij een bepaalde handeling of taak wil uitvoeren. De sporter bepaalt hoe hij zijn doelstellingen wil bereiken en houdt bij of hij op schema loopt. De sporter heeft het geduld om zijn doel in kleine stappen te bereiken. 
Beslissingen nemen De sporter durft beslissingen te nemen door acties te ondernemen of zijn mening uit te spreken. Hij weegt informatie af en hakt knopen door. Hij overziet en accepteert de consequenties van zijn beslissing. 
Optimale balans topsport en persoonlijke leefstijl De sporter zorgt voor een voor hem optimale balans tussen topsport en zijn persoonlijke ontwikkeling (school, familie, vrienden etc.). Hij zorgt dat zijn leefstijl (o.a. voeding- en slaappatroon) bijdraagt aan zijn ontwikkeling en prestatie
Reflecterend vermogen De sporter kan een stapje terug doen om te bekijken hoe hij het ervan af heeft gebracht in een bepaalde situatie. Hij denkt kritisch na over wat hij heeft gedaan, wat hij dacht en hoe hij zich daarbij voelde, zodat hij dit een volgende keer beter kan uitvoeren
Communiceren De sporter communiceert doeltreffend met mensen in zijn omgeving. Hij houdt daarbij rekening met wie hij communiceert en wat daarbij gepast is, zowel in zijn verbale als non-verbale communicatie. 
Plannen De sporter maakt een plan van aanpak om een doel te bereiken of een taak te voltooien. De sporter maakt een inschatting van hoeveel tijd hij heeft, hoe hij deze het best kan verdelen en wat hij moet doen om een deadline te halen. 
Zelfvertrouwen De sporter heeft vertrouwen in zichzelf; zijn keuzes, zijn doelen en zijn eigen kwaliteiten. Hij heeft het vertrouwen dat hij uitdagingen en moeilijke situaties kan overwinnen en dat het uiteindelijk wel goed komt. De sporter waardeert zichzelf en voelt zich goed over zichzelf. 
Doelgericht handelen De sporter streeft ernaar zijn eigen doelen te bereiken, door middel van een goede verdeling van zijn tijd, inzet en middelen. 
Presteren onder druk De sporter is in staat om te blijven presteren onder druk. De sporter is in staat om te gaan met stress en spanning die hij ervaart en ondanks zenuwen een prestatie van zijn niveau te leveren. 

Wat betekent dit voor de jonge sporters?
Vanuit het einddoel wordt een vertaalslag gemaakt naar de betekenis voor de betreffende leeftijdscategorieën van de zwemmers, met bijbehorend trainingsaanbod en implicaties voor de begeleidingsstaf en ouders.