Beleid en visie binnen de vereniging

Iedere vereniging is anders en opereert in een omgeving met zijn eigen kenmerken. Wat bij de ene vereniging werk, hoeft bij een andere niet te werken. In deze dynamische, sterk en snel veranderende wereld is het goed om eens goed na te denken over je vereniging. Door middel van een analyse kun je informatie inwinnen. Je kunt info krijgen over het ledenbestand, het imago, wie zijn onze concurrenten/ met wie kunnen we samenwerken,

Het aanbod en de benadering van de kinderen is in de fases A, 1,2 en 3 van het KNZB-sportmodel voor elk kind dat lid is van een zwemvereniging hetzelfde. Hierbij gaat het vooral om plezier, met vriendjes, succesbeleving, veelzijdig bewegen, voorwaarden van bewegen, uitdagingen aangaan, ontdekken, en ontwikkeling en maakt het nog niet uit of je daarna gaat voor de prestatieve of recreatieve route en kan het programma (deels) samen met de andere takken van de vereniging.

Vanaf een jaar of 11 zie je steeds meer verschil in ambitie en zal het kind steeds meer in de passende omgeving moeten en willen trainen. Wat voor vereniging wil je zijn vanaf deze leeftijd?

Verenigingen kunnen faciliteren voor sporters die willen presteren op hoog niveau, maar ook een gastvrije open verenigingen zijn en zich profileren op verbinding en zorgen voor doelgroep gericht sportaanbod om een leven lang actief te zijn en plezier te beleven in de zwemsport.

Om de strijd aan te gaan met de ongeorganiseerde sport moeten we professioneel en ondernemend zijn en onze sfeer, cultuur, verbondenheid en opleiding belangrijk maken. Daarnaast moeten we kijken naar mogelijkheden van flexibiliteit in lidmaatschap en trainingstijden.

Een aantal belangrijke vragen voor een vereniging als aanknopingspunten voor beleid vanaf fase 3:

  • Wat voor een vereniging willen we zijn, welke rol willen we in de samenleving? Waarom moeten mensen lid worden van onze vereniging?
  • Voor welke ambitieniveaus, perspectieven en drijfveren staan wij open? Sluiten wij bepaalde doelgroepen uit en focussen we ons op een beperkte groep of perspectief?
  • Waar staan we nu en weten wij van onze (toekomstige) leden waar ze behoefte aan hebben en passen deze kenmerken bij de eigenschappen en visie van de vereniging?
  • Waar staan we over 5 jaar?
  • Willen we ons aanbod anders organiseren voor meer kwaliteit en passend bij de huidige trends?
  • Hoe en met wie gaan we samenwerken?
  • Wat staat er in het lokaal sportbeleid?
  • Hebben we geschikt kader die dezelfde visie heeft als de vereniging en past bij de doelgroepen?
  • Is het bestuur een afvaardiging uit diverse generaties en is er ook aandacht voor jeugdparticipatie?
  • Hoe kan technologie bijdragen binnen de vereniging?

Vergroting en professionaliteit van een vereniging kun je bijvoorbeeld bereiken door te blijven investeren in de opleiding van begeleidend kader en bestuur, kijken naar verbinding en samenwerkingsvormen binnen alle takken van de vereniging en externe partners, op zoek naar innovatie en vernieuwing, aanbod laten aansluiten bij de wensen van huidige en toekomstige leden, aandacht voor talentontwikkeling, mogelijkheden voor sporters met een beperking, sterk verenigingscultuur, goed cursusaanbod of openheid naar de samenleving. Deze activiteiten moeten wel passen binnen je vereniging en gedragen worden door de leden.

Creëer binnen je vereniging betrokkenheid door bijvoorbeeld een klankbordgroep met een jaarlijks wisselende groep leden uit alle niveaus en zet digitale hulpmiddelen in om meningen en behoeftes van de leden te peilen. Doe onderzoek bij je leden waarom ze lid zijn of hun lidmaatschap beëindigen. Wanneer de visie duidelijk is, kun je vanuit daar handvatten voor de structuur en communicatie maken

Samenwerking

Samenwerken kan een goede aanvulling zijn als je alleen je doel niet kunt bereiken, omdat samenwerking meer diepgang en inspiratie geeft, om je netwerk te verbreden of omdat je gezamenlijk een belang hebt en soms omdat het moet. Op deze manier komt er soms ook expertise van andere terreinen dan de sport.

Hieronder volgen een aantal redenen om te gaan samenwerken:

  • Aanleren en verbeteren motorische vaardigheden
  • Meer kwaliteit van land-of krachttraining
  • Kwaliteit van het bestuur vergroten
  • Meer maatschappelijke oriëntatie
  • Samenwerken met andere zwemverenigingen voor een sterk aanbod in de regio.
  • Inclusief sporten
  • Netwerk voor trainings- en begeleidingsfaciliteiten voor talentvolle sporters
  • Talentontwikkeling en begeleiding voor sporters met een beperking
  • Gebruik maken van netwerk en kennis van buurtsportcoach of sportservices
  • Versterking van verschillende zwemtakken (meer badwater, kennis, ervaring, materiaal
  • Multidisciplinair aanbod: kinderen kunnen bij verschillende takken binnen de vereniging trainen (variatie, veelzijdig bewegen)
  • Breder aanbod door samenwerking met een andere bond
  • Samen gebruik maken van de kennis van een expert

Kleine dorpen kunnen een sportdorp creëren. Samen met andere verenigingen een mooi sportaanbod aanbieden waar de kinderen een veelzijdig sportprogramma aangeboden krijgen.

Sporten met een beperking

De KNZB ambieert dat iedere Nederlander een leven lang plezier kan beleven aan zwemmen. Veel mensen met een beperking houden van zwemmen met daarbij verschillende behoeftes en ambities. De één wil sporten voor de gezondheid, ontspanning of om vrienden te ontmoeten terwijl anderen ambities hebben voor het hoogst haalbare. Niet alle sporters willen een geïntegreerd aanbod. Er zijn ook sporters die plezier halen om te sporten met sporters met dezelfde beleving of niveau.

Wel heeft elke vereniging de verantwoordelijkheid om na te denken over integratie van zwemmers. Kunnen we het zelf begeleiden en of gaan we een netwerk vormen om te samenwerken (kennisuitwisseling, badwater) zodat sporters op een gelijkwaardige manier kunnen sporten.

Samen kunnen we ervoor zorgen dat integratie van sporten met een beperking steeds gebruikelijker wordt

Passend wedstrijdaanbod bij verschillende ambities

In het KNZB-sportmodel staat de zwemmer met zijn eigen ambitie en behoefte centraal en worden verenigingen uitgedaagd om passend aanbod te maken en kwaliteit te bieden aan verschillende doelgroepen. Deze hoofdstuk gaat over passende wedstrijden bij verschillende ambities

Excelleren voor een leven lang zwemplezier: fase Z

Er is behoefte aan flexibel, leeftijds- en/of een doelgroepgericht aanbod voor een leven lang zwem activiteiten dat zich richt op gezondheid, actieve leefstijl, samen met vrienden of familie, plezier en ontspanning of wedstrijden op je eigen niveau met leeftijdsgenoten. Ook zullen er sporters zijn die zich willen inzetten en van betekenis zijn voor de vereniging.

De wedstrijdzwemmers kun je onder verdelen in 2 niveaus.

Clubniveau:
Deze sporters hebben meestal lage ambities in zwemresultaten en zwemmen is niet hun grootste prioriteit. Ze hebben geen behoefte om veel te trainen, maar willen wel een passend aanbod en in een groep met leeftijdsgenoten. Belangrijk is om de sporters te vragen naar hun verwachtingen, inspraak te geven en ze te laten meedenken in trainings- en wedstrijdaanbod.

Verenigingen kunnen naast doelgroepgerichte wedstrijden ook laagdrempelige open wedstrijden aanbieden waarin alle zwemliefhebbers kunnen meedoen en wedstrijden voor nieuwkomers. Deze wedstrijden kunnen behalve in een binnenbad ook in het open water of buitenbad georganiseerd worden.

Regionaal niveau:
Deze sporters vinden maatschappelijke, en sociale doelen belangrijk en willen niet zoveel uren investeren in de sport. Ze willen verbondenheid en meer autonomie, een interessant programma een passende trainer en zijn opzoek naar verbondenheid. Deze groep wil af en toe een wedstrijd of toernooi passend bij hun niveau, leeftijd en passend in hun agenda met andere activiteiten. Het gaat daarbij niet alleen om de prestatie, maar ook om het samenzijn met vrienden. Het hoogst haalbare zijn de regionale kampioenschappen. Verenigingen moeten in de regio meer wedstrijden organiseren voor zwemmers met regionaal niveau.

Excelleren voor “optimale route naar de top”:  fase 4 en 5

Nationaal niveau:
Sporters die veel lol en voldoening halen uit het zwemmen, het team, racen en veel uren willen gaan trainen om het hoogst haalbare uit hunzelf te halen. Ze zwemmen voor hun plezier en zwemmen is hun way of life. Ze hebben veel ambitie om het hoogst haalbare te halen op de Nationale kampioenschappen. In Nederland en in het buitenland zijn genoeg wedstrijden waar je de planning op af kan stemmen. In fase 4 gaan deze sporters zich specialiseren. De drie specialisatie profielen die je binnen een vereniging kunt kiezen zijn:

  1. Sprint
  2. Middenlange afstanden
  3. Lange afstanden (evt icm triathlon of open water)

In fase 5 gaat het om investeren naar je eigen top en laat de sporter zijn best mogelijke prestatie zien. Er zit geen eindleeftijd in deze fase.

Internationaal niveau:
Sporters die willen excelleren in de sport, ze hebben een duidelijk doel voor ogen en de motivatie om veel te gaan trainen. Ze hebben meerdere eigenschappen behorende bij prestatiegedrag en zouden misschien kunnen doorgroeien naar de internationale top. Naast genoeg badwater, fysieke begeleiding (juiste trainingen, blessurepreventie en lichaam klaarmaken voor zware trainingen) ook aandacht voor een inspirerende omgeving (coach, trainingsgroep, wedstrijdaanbod) een coach die voorbereid op lange termijn en het juiste prestatiegedrag aanleert.